Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen 2016-02-19T07:31:58+00:00

1. Wat is noodverlichting en waar dient het voor?

Noodverlichting dient als ‘back-up’ als de voeding voor de normale verlichting het laat afweten. Noodverlichting heeft daarom een onafhankelijke stroombron. Onder noodverlichting vallen noodevacuatieverlichting en vervangingsverlichting. Noodevacuatieverlichting is bedoeld om een gebouw veilig te kunnen ontruimen, vervangingsverlichting maakt het mogelijk om werkzaamheden veilig voort te zetten bij een spanningsuitval. Vervangingsverlichting valt buiten de scope van de NVFN.

2. Waarom hangt vluchtrouteaanduiding altijd zo hoog? Bij rook is deze dan toch niet meer zichtbaar?

Vaak leggen mensen een directe relatie tussen noodverlichting en brandveiligheid. Dit komt mede doordat handhaving in de regel een taak is van de brandweer. Het is echter een groot misverstand dat noodverlichting in de eerste plaats is bedoeld om veilig te kunnen vluchten bij brand. Noodverlichting dient om mensen in staat te stellen veilig een gebouw te verlaten wanneer de netspanning uitvalt, ongeacht de oorzaak. Wanneer de rook zo dicht is, dat de vluchtrouteaanduiding niet meer opvalt, dan dient het gebouw al ontruimd te zijn.

3. Als de noodverlichting voldoet aan het Bouwbesluit, is dat dan voldoende?

In het Bouwbesluit staan – in de vorm van functionele en prestatie-eisen – de minimale bouw- en gebruiksvoorschriften met betrekking tot veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu. Naast het Bouwbesluit zegt ook de Arbowet iets over noodverlichting in relatie tot de veiligheid op arbeidsplaatsen. Daarnaast zijn er diverse nationale normen van toepassing.

4. Is het verplicht de nationale (NEN) normen te volgen?

Normen of delen daarvan die vanuit de wet worden aangewezen zijn verplicht. Dat betekent niet dat de rest van de normen vrijblijvend zijn. Deze gelden als stand der techniek en worden als zodanig gebruikt door de rechtelijke macht bij het vaststellen van de aansprakelijkheid. Afwijken van normen mag wel, maar dan moet men aantonen dat het resultaat beter of minimaal gelijkwaardig is.

5. Hoe kan ik zien of een noodverlichtingsarmatuur aan de regels voldoet?

Een armatuur dat is ontworpen volgens de geldende productnorm NEN-EN-IEC 60598-2-22 is te herkennen aan een ENEC of KEMA-KEUR symbool op de typesticker. Is deze niet aanwezig, of twijfelt u, vraag dan een conformiteitsverklaring op bij uw leverancier. Daarnaast is het belangrijk dat de armaturen geschikt zijn voor de omgeving waarin zij worden toegepast. Denk daarbij aan warmte, vocht

6. Wanneer pas ik decentrale noodverlichting toe en wanneer een centraal gevoed systeem?

Er is geen ‘beter’ of ‘slechter’ systeem voor noodverlichting. Afhankelijk van de eisen en de omstandigheden is er wel een ‘geschikter’ systeem. Bij de keuze tussen een centraal en een decentraal gevoede noodverlichting gaat het om de volgende factoren:

• Het gewenste veiligheidsniveau
• De hoogte van de diverse ruimten
• De omgevingstemperatuur van de diverse ruimten
• De benodigde lichtopbrengst bij calamiteiten
• De mogelijkheden voor onderhoud

7. Is noodverlichting aan de buitenkant van een nooduitgang altijd verplicht?

Volgens de geldende norm NEN-EN 1838 dient er aan de buitenkant van iedere deur die in geval van nood wordt gebruikt noodverlichting geplaatst te worden. Omdat normen niet vrijblijvend zijn kun je dus spreken van een verplichting. Men kan er niet op vertrouwen dat de straatverlichting werkt. Een spanningsuitval kan immers een groter gebied betreffen.

8. Wanneer moet ik anti-paniekverlichting aanbrengen?

In ruimten die groter dan 60 vierkante meter zijn (dit geldt ook voor lichte industrie zoals magazijnen) geldt als norm 1 Lux op de vloer.

9. Is een logboek verplicht voor Noodverlichting?

Registratie is verplicht. In die registratie staat een beschrijving van het noodverlichtingssysteem en worden rapportages opgenomen van inspecties met daarin geconstateerde afwijkingen. Tevens worden herstelwerkzaamheden beschreven. Dit alles kan prima in de vorm van een logboek, maar mag ook op een andere manier worden vormgegeven.

10. Is jaarlijks onderhoud nog wel nodig bij led-noodverlichting?

Onderhoud gaat verder dan het vervangen van een lichtbron of een batterij. Denk ook eens aan het schoonmaken van de lens of reflector. Bij veel stof op de lens komt er niet voldoende verlichting uit het armatuur waardoor de vereiste presentaties niet geleverd kunnen worden.

De jaarlijkse werkzaamheden kunnen wel veel sneller worden afgehandeld wanneer er geen TL-buisjes meer vervangen hoeven te worden.

11. Heeft inspectie aan de noodverlichting nut bij toepassing van led-lichtbronnen?

Minimaal eens per jaar controleren van een noodverlichtingsinstallatie is om te zien of de noodverlichting nog past bij het gebruik van het gebouw en of het voldoet aan alle eisen. Tijdens deze controle wordt de noodverlichtingsinstallatie getest op de geëiste functionaliteit.

12. Welke verlichtingsarmaturen zijn geschikt om voorzien te worden van een noodverlichtingsfuntie?

Verlichtingsarmaturen zijn ontwikkeld om een (werk)plek goed te verlichten en dus niet geoptimaliseerd voor gebruik in nood. Noodverlichting levert een geringe hoeveelheid licht op een groot oppervlak of over een grote afstand. Qua optiek zal het ombouwen van algemene verlichting dus altijd een compromis zijn. Zorg in ieder geval voor een polair diagram om de lichtprestatie te kunnen vaststellen.

Ook technisch zijn er nogal wat uitdagingen. Het resultaat, na het ombouwen van de armaturen, moet voldoen aan de productnormen voor noodverlichting. Denk ook altijd aan het periodieke onderhoud aan de noodunit. Om dit goed te kunnen uitvoeren moet de apparatuur goed bereikbaar en herkenbaar zijn. Zie ook de NVFN-publicatie: Richtlijn Noodstroomunits voor noodverlichting.

13. Valt vluchtrouteaanduiding wel voldoende op bij een calamiteit?

Het ontruimen van een gebouw brengt stress met zich mee. Mensen vallen dan snel terug op gewoontes. Wanneer men onbekend is met de vluchtroute zal men geneigd zijn de weg te nemen waarlangs zij binnen zijn gekomen. Vluchtrouteaanduiding is vooral erg effectief wanneer mensen zijn gewezen op de betekenis van ‘de groene bordjes’ en regelmatig een ontruiming oefenen.